Boerenwormkruid,

Boerenwormkruid,

Tanacetum vulgare L., is een in pollen groeiende opvallende soort uit de Composietenfamilie. Ze valt vooral op door de tot 1,3 cm brede schijfvormige hoofdjes met alleen gele buisbloemen. De plant is boven in de bloeiwijze vertakt en de vele in een tuil staande hoofdjes lijken een groot scherm te vormen. Daardoor valt bloeiwijze goed op en trekt insecten aan die voor bestuiving en vervolgens bevruchting zorgen.

De bladeren staan verspreid aan de rechtopstaande, forse, taaie stengels die uit een wortelstok omhoogschieten. De wortelstok zorgt ervoor dat de overjarige planten een duidelijk pol vormen. De bladeren staan verspreid aan de stengels. Ze zijn veerdelig ingesneden en tussen de veren zitten nog kleine bladdeeltjes, zodat je kunt spreken van afgebroken geveerd. De bladslippen hebben een gezaagde rand en eindigen in een spits.

Boerenwormkruid is een pioniersoort die groeit op voedselrijke omgewerkte grond, op rivierduinen, langs bermen, spoorwegen en op dijken. Vooral de aanwezigheid van stikstof in de bodem bevordert Boerenwormkruid. Afbranden van bermen of dijkhellingen heeft dan ook als effect dat de soort nadien nog sterker terugkomt. Vee mijdt de plant vanwege de giftigheid net als Jakobskruiskruid.

Boerenwormkruid komt van oorsprong in het grootste deel van Europa en het noordelijke deel van Azië voor. De geslachtsnaam Tanacetum is vermoedelijk afgeleid van het Oudgriekse woord ‘athanasia’ dat ‘onsterfelijk’ betekent. Het heeft deze naam waarschijnlijk te danken aan het feit dat de bloemen niet makkelijk verwelken en lang tot ver in de herfst hun gele kleur behouden, maar het kan ook duiden op een soort levensdrank die ervan gemaakt werd.

tekst van; http://www.floravannederland.nl/planten/Boerenwormkruid