Boomspinazie

Boomspinazie (de Latijnse naam is Chenopodium giganten)

Boomspinazie
Boomspinazie

Boomspinazie (de Latijnse naam is Chenopodium giganteum) behoort tot de groep Chenopodiaceae, waartoe bijvoorbeeld ook spinazie, melde en bietjes behoren. Ze is niet erg bekend in Nederland en wordt zeker niet als groente in de winkels verkocht.

Jammer, want ze is toch zo leuk; mooi, lekker en een goede opbrengst…….wat wil je nog meer in een mooie moestuin 🙂

De plant is eenjarig en doet het heel goed in ons koele klimaat. Jonge planten hebben malse heldergroene bladeren met fluorroze topjes, die felroze topjes zijn erg mooi en lekker in salades. Als de plant ouder en groter wordt worden de bladeren groter en donkerder groen, uiteraard zijn jonge malse bladeren het lekkerst maar je kunt de wat oudere bladeren nog prima gebruiken in stoofschotels, koken, etc. (als spinazie, of andijvie; zonder het bittertje van de andijvie maar wat stugger van blad dan de spinazie, heel in de verte heeft ze iets ziltigs in de smaak).

Het is wel nog even belangrijk om te melden dat boomspinazie  saponinen (zie voor meer uitleg op Wikipedia) en ook oxaalzuur bevatten (oxaalzuur komt bijvoorbeeld ook voor in spinazie en rabarber, zie ook hierover verdere uitleg op Wikipedia). Om die reden eet je de wat grotere bladeren gekookt en bij voorkeur alleen de kleine blaadjes en roze topjes rauw.

 

PLANT

De planten blijven in de eerste 2 maanden redelijk compact van formaat, maar gaan vanaf eind juli toch erg hard groeien: tot wel ruim 2 meter hoog (zo hoog wordt ze hier tenminste, op onze vette voedzame klei). Het roze in de toppen van het blad verdwijnt dan uiteindelijk en de planten bloeien met grote bruinachtige onopvallende pluimen.

Het zijn stevige planten die zeker niet snel om zullen vallen (zelfs in onze zeewind bleef ze kaarsrecht staan). Door de grootte van de volwassen planten, en door de felroze kleur van de jonge topjes aan de jonge planten wordt ze ook wel boomspinazie of Fluor-melde genoemd. Ze is trouwens ook een zusje van de Aardbeispinazie ( Chenopodium capitatum) en van de ondertussen welbekende Quinoa (Chenopodium quinoa). Ook van boomspinazie kun je trouwens de zaden eten (zoals quinoa, al zijn de zaden van boomspinazie wel beduidend kleiner dan die van quinoa, en net als bij quinoa de zaden wel eerst even goed wassen,  de zaden zijn door een laagje van saponinehoudende stoffen zonder wassen wel wat bitter).

Chenopodium closeup

 

TEELTWIJZEN

Chenopodium kan vrij veel kou verdragen en is daarom over een langere periode meerdere keren te zaaien. Je kunt er bijvoorbeeld voor kiezen om haar in het voorjaar te zaaien voor de malse jonge topjes en bladeren. En dit nogmaals te doen in de zomer en/of nazomer, wanneer de eerste planten groot zijn geworden en bloeien (of je verwijdert de planten als ze te groot worden, het blad groot en minder lekker wordt), en je weer nieuwe malse bladeren wilt oogsten voor in salades.

Tekst van; https://www.mooiemoestuin.nl/groenteteelt/bladgewassen/boomspinazie/