Lantaarnplant

Ceropegia  sandersonii (Lantaarnplant)

lantaarn plant
lantaarn plant
lantaarn plant
lantaarn plant

De winter nadert en daarom deze maand geen tuinplant maar een bijzondere kamerplant als Plant van de Maand!

Wellicht herinnert u het zich nog van vroeger: dat hangplantje, hoog op de servieskast gezet, dat hele lange uitlopers naar beneden maakte en met gemarmerde blaadjes, steeds 2 aan 2, en met heel onopvallende maar bijzonder gevormde rose bloempjes: het Wood’s Lantaarnplantje, nu bijna vergeten.
Uit dezelfde familie, vroeger de Zijdeplantfamilie, tegenwoordig de Maagdenpalmfamilie, hebben wij deze maand Ceropegia sandersonii  (Lantaarnplant), één van de mooiste, zo niet de mooiste Ceropegia-soort gekozen. C. sandersonii komt oorspronkelijk uit de droge streken van zuidelijk Afrika. Het zijn vetplanten en dat is goed te zien aan de glanzend groene bladeren die twee-aan-twee langs de lange, windende stengel staan. In de oksel van deze bladeren ontstaan de bloemen die tot de meest opvallende en merkwaardigste van het gehele plantenrijk behoren.

De bloem, 7 – 10 cm groot, bestaat uit 5 lichtgroene kroonbladeren die met de toppen  aan elkaar vergroeid zijn met daartussen “venster”openingen. Zo ontstaat de vorm van een lantaarntje. Sommigen zien er een parachute in. De kroonbladen lopen naar beneden trechtervormig toe en eindigen in een verdikte bloembodem.

De geur is voor ons mensen weinig interessant maar vliegen zijn er dol op. Ze kruipen door de vensters van de lantaarn naar binnen en naar beneden tot bij de meeldraden. Maar eruit komen gaat veel moeilijker want de bloembuis bevat stijve, naar beneden gerichte haren die er voor zorgen dat de vlieg lang genoeg beneden in de bloem blijft om een goede bestuiving te garanderen.

Vroeger was het heel moeilijk om een C. sandersonii te bemachtigen maar tegenwoordig zien wij ze geregeld in tuincentra aangeboden. Aan de verzorging ligt het niet want die is kinderlijk eenvoudig: zoals bij alle vetplanten weinig water geven: houd de grond vochtig maar niet nat. Alleen bij de bloei wat meer water geven.

Zorg voor een goed doorlatende grond zodat geen rotting van de wortels en knollen kan optreden en geef ze vooral veel licht anders blijven de stengels doorgroeien en komt de plant aan bloeien niet toe. En als de stengel te lang geworden is, gewoon inkorten tot boven een bladpaar.  Houd ze vorstvrij en in een droge omgeving, kortom een vensterbank in de huiskamer is ideaal. En als ze bloeien heeft niemand meer oog voor die saaie begonia’s in de vensterbank!

Tekst van: http://afdeling.groei.nl/index.php?id=40390